Fietsinvesteringen onmisbaar voor brede welvaart

In een wereld waar economische groei niet langer de enige maatstaf is voor vooruitgang, wint het concept van brede welvaart binnen het mobiliteitsdomein steeds meer terrein. Ook op het gebied van fietsbeleid. Fietsinvesteringen dragen positief bij aan brede welvaart. Maar door het ontbreken van voldoende kennis over de impact hierop komt het beeld naar voren dat fietsmaatregelen vaak te licht onderbouwd worden. Dit leidt mogelijk tot het onterecht afwijzen van zinvolle fietsinvesteringen. Het aanreiken van inzichten over de impact van fietsinvesteringen op brede welvaart helpt beleidsmakers nut en waarde te zien van de onmisbare rol van fietsinvesteringen.

Onderzoek impact fietsinvesteringen op brede welvaart

Decisio deed in opdracht van CROW onderzoek naar de impact van fietsinvesteringen op brede welvaart. Op basis van dit onderzoek ontwikkelde Decisio een werkwijzer waarmee organisaties (e.g. gemeenten, overheden, programmamakers, etc.) zelf kunnen beredeneren op welke manier fietsinvesteringen effect hebben op brede welvaart. Deze werkwijzer helpt de gebruiker in het uitwerken van een op maat gemaakt effectenschema en verhaallijn. Vanwege de wisselende context waarin fietsinvesteringen plaatsvinden is het van belang dat de effecten en de verhaallijn afgestemd zijn op ieders unieke situatie.

Wat is brede welvaart?

Brede welvaart omvat alles wat mensen van waarde vinden. Naast materiële welvaart gaat het om zaken als gezondheid, onderwijs, milieu, leefomgeving, sociale cohesie, persoonlijke ontplooiing en (on)veiligheid. Bij brede welvaart is het ook van belang hoe maatregelen verschillende doelgroepen nu en in de toekomst (op een andere manier kunnen) beïnvloeden. Dit verschilt van een maatschappelijke kostenbatenanalyse (MKBA), waar meer nadruk ligt op het uitdrukken van effecten in euro’s (monetariseren) voor de maatschappij als geheel.

Het ontwikkelen van een werkwijzer

Decisio ontwikkelde een werkwijzer waarmee organisaties zelf kunnen beredeneren op welke manier fietsinvesteringen effect hebben op brede welvaart. Dit wordt gedaan via vier stappen. Hierbij wordt eerst aandacht besteed aan de context van de interventie. Voorbeelden van vragen die in deze stap worden beantwoord zijn: Wat is de huidige situatie? Hoe ziet het gebied eruit? Wie wonen er? Wat is de doelgroep van de interventie? Wat is de doelstelling? Daarna wordt bepaald wat voor type interventie het is. In de werkwijzer maken we onderscheid tussen vier typen interventies:

  • aanpassingen aan de fietsinfrastructuur (bv. een nieuwe fietsverbinding of een upgrade van een bestaande fietsverbinding)
  • faciliteren van (publieke) voorzieningen voor fietsparkeren (bv. het plaatsen van fietsenrekken- en kluizen op OV-stations, elektrische oplaadpunten, bandenpompen)
  • sociale fietsprojecten om een bijdrage te leveren aan maatschappelijke en sociale vraagstukken (bv. het verminderen van vervoersarmoede)
  • fietsstimuleringsprojecten om fietsen te stimuleren (bv. woonwerkvergoeding en stimuleringsapps)

Elke interventie is anders en leidt op een eigen manier tot effecten. Tegelijkertijd kent elk type interventie een aantal effecten die doorgaans optreden bij uitvoering. Zo zien we bij het type ‘fietsinfrastructuur’ dat er in vele gevallen sprake is van een aantrekkelijkere fietsverbinding. Dit leidt onder andere tot een toename in het aantal fietsers, verbeterde bereikbaarheid, snellere en veilige(re) fietsverplaatsingen en een lagere afhankelijkheid van gemotoriseerd verkeer. Dit heeft weer impact op brede-welvaartthema’s zoals milieu, welzijn en samenleving. Er is daarom voor elk type interventie een ‘basisschema’ ontwikkeld met effecten die kenmerkend zijn voor dit type interventie. In de volgende stap van de werkwijzer wordt dit basisschema op maat gemaakt voor de specifieke interventie. In de laatste stap wordt een verhaallijn uitgewerkt. Met deze verhaallijn worden de voorgaande stappen van de werkwijzer in een verhaal opgeschreven. Deze verhaallijn kan gebruikt worden om bijvoorbeeld een memo of notitie op te stellen.

Vier praktijkvoorbeelden

De werkwijzer is opgesteld met behulp van vier praktijkprojecten, variërend van een fietsenbank en fietslessen in Rotterdam, goede fietspaden voor dunne verkeersstromen in de provincie Groningen, de fiets als onderdeel van ketenmobiliteit in Brabant en een snelfietsroute in Gelderland. Middels de werkwijzer werden deze casussen uitgewerkt waarmee op maat gemaakte effectschema’s zijn gemaakt en verhaallijnen zijn geschreven. Deze schema’s en verhaallijnen laten zien dat fietsinvesteringen onder meer breed bijdragen op het gebied van milieu, welzijn, materiële welvaart, bevolking, samenleving, wonen en arbeid en vrije tijd.

Vervolgstappen

Het onderzoek, inclusief de opgestelde werkwijzer, is in samenwerking met een expertgroep (een afspiegeling van de sector) opgesteld. Het is een eerste stap in onderzoek naar de effecten van fietsinvesteringen op brede welvaart. Met een brede groep stakeholders wordt beoogd om in de toekomst deze werkwijzer verder te ontwikkelen. We nodigen u uit om de werkwijzer te gebruiken voor fietsinterventies in uw regio en het proces, de inzichten en ervaringen te delen.

Meer weten?

Zie deze link voor het nieuwsbericht van CROW en de mogelijkheid om het rapport te downloaden.